| December 2007 - Artikel Koningin 70 jaar! |
|
Nederland juicht! 31 januari 1938 Door de eeuwen heen hebben de Oranjes zich mogen verheugen in een ruime mate van aanhankelijkheid. De geboorte van een nieuwe telg werd ook steeds met vreugde begroet, zeker als het ging om een kind dat de continuïteit van het Koninklijk Huis veilig stelde, zoals het geval was met prinses Beatrix in 1938. Bij de geboorte van prinses Beatrix uitte de vreugde zich in uitbundig feestvertoon met versierde straten, klokgelui, illuminaties, het planten van Oranjebomen en het lossen van kanonschoten. In menig huisgezin werd een glaasje kandeel of oranjebitter gedronken, terwijl verkopers van Oranjesouvenirs goede zaken deden. In juni 1937 brachten prinses Juliana en prins Bernhard een officieel bezoek aan Amsterdam. De Prinses liet weten dat zij wegens "op zich verheugende gezondheidsredenen" niet aan alle festiviteiten kon deelnemen. De boodschap was duidelijk: de Prinses was in blijde verwachting! Eind januari 1938 verzamelde zich de binnen- en buitenlandse pers in Baarn rondom de telextoestellen. De baby was vèr over tijd. De journalisten wisten niet meer wat ze moesten schrijven; de meest onbenullige verhalen over Soestdijk verschenen in de pers. De aloude animositeit tussen Baarn en Soest leefde weer op. Soestenaars, overtuigd dat het paleis in hun gemeente stond, dreigden de erepoorten en versieringen in Baarn af te breken, zodat deze door de politie beschermd moesten worden. Ook de souvenirindustrie maakte zich zorgen: voortvarend waren bekers en wandborden voorzien van het opschrift "januari". Alleen de datum diende nog te worden ingevuld. Het was kantje boord! Dit paste trouwens naadloos in de Oranjetraditie: ook de prinsessen Wilhelmina en Juliana werden op de laatste dag van de maand geboren. In de laatste weken voor de geboorte van prinses Beatrix werd het belangstellende publiek in de buurt van paleis Soestdijk met behulp van grote borden verzocht zich "te onthouden van elke luidruchtige huldebetooging met het oog op de noodzakelijkheid van volkomen rust voor H.K.H. de Prinses." En dan eindelijk: in de morgen van 31 januari begonnen de klokken te luiden en daverden 51 saluutschoten. Vlaggen en wimpels ontplooiden zich bij honderden uit de zolderramen. Op het moment van geboorte, maandag 31 januari 1938, 9.47 uur, zat de schooljeugd al in de banken. Na de bekendmaking barstte in bijna alle lokalen samenzang van het Wilhelmus en andere vaderlandse liederen los. Kinderen die soms geen notie hadden van de uitzinnige vreugde van de volwassenen, zongen extra enthousiast, omdat ze de rest van de dag vrij kregen. Maar eerst smullen van beschuit met Oranjemuisjes! Hetzelfde gebeurde in Nederlandsch-Indië en de West, waar de geboorte van het Prinsesje spontaan door de bevolking met optochten, vuurwerk en feesten werd gevierd. "Ook daar verkeerde men, tot in de diepste rimboe, onmiddellijk in volle feeststemming," zo wist het Algemeen Handelsblad te melden. De Standaard. Antirevolutionair Dagblad voor Nederland zag "in dit jonge leven aan den ouden stamboom 's Heeren gunst over ons land." De extra-edities van de dagbladen vlogen weg uit de handen van de verkopers. Om half elf werd het eerste bloemstuk - een mand met seringen, oranjegekleurde bloemen en rood-wit-blauwe linten - door de Algemene- en Christelijke Oranjeverenigingen van Baarn bij het paleis bezorgd. "Een golf van ontroering, van blijdschap en van groote dankbaarheid gaat thans door heel het land, slaat over naar Nederland overzee, in Oost- en West-Indië... Want in Nederland is een Prinses geboren. De blijde verwachting waarin heel Nederland verkeerde, is dankzij Gods goedheid verwezenlijkt en de Oranjestam kreeg een nieuwen loot. Het Huis van Oranje mag weer een Koningskind bezitten.... De feestklokken beieren over heel het land. Van Texel tot Zeeland, van de Noordzeekust tot de Oostgrens klinkt het feestlied der klokken, de dreunende zang van het geschut en de van geluk trillende stemmetjes van Neêrlands jeugd, die liederen komt zingen voor gemeentehuizen.... Nederland juicht. Héél ons volk barst los in den Oranjejubel en luid schallen de vreugdetonen uit het koper der muziekinstrumenten, helder klinkt de feestzang, en als één kreet van verrukking gaat het over heel ons land: "Er is een Oranjeprinses geboren." Aldus jubelde de Nieuwe Haagsche Courant van maandag 31 januari 1938. Het Amsterdamsch Effectenblad had met vette letters op de voorpagina geschreven: "Vandaag natúúrlijk geen koersen! Wat kunnen ons trouwens de koersen schelen! Het Prinsèsje is geboren! De grote geestdrift waarmee Nederland de geboorte van prinses Beatrix vierde was niet onbegrijpelijk. Het Huis van Oranje had in die tijd wederom een wankele basis. Na het overlijden van koningin-moeder Emma en prins Hendrik in 1934, had het Oranjehuis enkele jaren uit slechts twee vrouwen bestaan. Nu was eindelijk het langverwachte koningskind geboren uit het huwelijk van Prinses Juliana en Prins Bernhard. Minister-president dr. H. Colijn vatte het in zijn radiotoespraak treffend samen: "God heeft als het ware een venster geopend, waardoor wij weer over wijde vlakten naar buiten blikken, weer in de toekomst durven kijken."Tevens was de geboorte een feestelijke onderbreking van de doorgaans sombere en grijze crisisjaren. Feest daarom in Nederland: klokgebeier alom, saluutschoten, dankdiensten in overvolle kerken, dansende en hossende menigten op pleinen en straten, massale zanghulde's, rechters die in Den Haag in toga op straat dansten, feestverlichtingen, erebogen, studenten met oranje haar, oranje geverfde honden.... Vreemden drukten elkaar de hand wensten elkaar ontroerd geluk. Heel Nederland vierde feest en dat niet alleen op die 31e januari, maar ook op 1 februari daaropvolgend. Die dag was namelijk uitgeroepen tot nationale feestdag. In tegenwoordigheid van minister-president Colijn en Minister van Staat jhr. mr. F. Beelaerts van Blokland deed prins Bernhard op 1 februari ten overstaan van de burgemeester van de gemeente Baarn, jhr. mr. C.C.J. van Reenen in paleis Soestdijk aangifte van de geboorte van zijn dochter. Hierbij werden officieel de namen van het Prinsesje bekend gemaakt: Beatrix Wilhelmina Armgard. Niet iedereen was gecharmeerd van de naam Beatrix, die niet eerder in de stamboom van de Oranjes was voorgekomen. Het Algemeen Handelsblad kwam met een suggestie: "Wanneer Prinses Beatrix eenmaal geroepen zal worden den troon te bestijgen, zal zij desverkiezende dit kunnen dit kunnen doen onder haar tweeden naam: Wilhelmina." Prinses Beatrix werd op donderdag 12 mei 1938 - een hemelsch-schoonen Meidag - gedoopt in de Haagse Grote- of St. Jacobskerk. Radioluisteraars konden er getuige van zijn hoe de hoogbejaarde hofprediker ds. W.L. Welter, hoorbaar geëmotioneerd, de doop bediende. Ook de dopeling liet van zich horen: "... het onbevangen schreien van de prilste jeugd, maar tevens het eerste geluid van Prinses Beatrix, dat hoorbaar was voor allen, wier liefde zoo teder uitgaat naar Haar en haar Huis," aldus de avondeditie van het Algemeen Handelsblad. Peten bij de doop waren o.a. koning Leopold van België, de gravin van Athlone en de broer van prins Hendrik, Adolf von Mecklenburg. Na de doop volgde een rit in de Gouden Koets en een zanghulde van 10.000 kinderen. De Nederlanders hadden hun prinses voorgoed in het hart gesloten: hún prinses Beatrix! |
|
|
