| Algemene vlaginstructie |
|
Onlangs is een nieuwe, algemene vlaginstructie opgesteld voor het uitsteken van de vlag van de rijksgebouwen. Ten aanzien van het uitsteken van de Nederlandse vlag wordt onderscheid gemaakt tussen 'uitgebreid vlaggen = UV' en 'beperkt vlaggen = BV'. Bij 'uitgebreid vlaggen' wordt de vlag uitgestoken van alle rijksgebouwen, zoals gebruikelijk is op Koninginnedag. Bij 'beperkt vlaggen' behoeft de vlag alleen te worden uitgestoken van de hoofdgebouwen van de departementen, benevens van de hoofdgebouwen van de niet (rechtstreeks) onder de departementen vallende instellingen, zoals die van de Kamers der Staten-Generaal, de Raad van State, de Algemene Rekenkamer, de Nationale Ombudsman, het Kabinet der Koningin en de Hoge Raad der Nederlanden.
Vaste data voor het vlaggen
31 januari (1 februari)
27 april (28 april)
30 april (29 april)
4 mei (4 mei)
5 mei (5 mei)
17 mei (18 mei)
Laatste zaterdag in juni
15 augustus (16 augustus)
3e dinsdag in september
7 december (8 december)
15 december (16 december)
Gebruik oranje wimpel
Vlaggen bij bijzondere gelegenheden Deze instructie vervangt de instructie van 13 september 2005. HANDLEIDING VOOR HET GEBRUIK VAN DE NEDERLANDSE VLAG De Nederlandse vlag is het symbool van de eenheid en de onafhankelijkheid van het Koninkrijk der Nederlanden. De vlag behoort overal waar zij op het Nederlands grondgebied wordt ontplooid, de ereplaats te hebben.
De kleuren van de Nederlandse vlag HELDER VERMILJOEN - HELDER WIT - KOBALTBLAUW Over de afmetingen van de vlag zijn geen voorschriften. In het algemeen dient de lengte zich te verhouden tot de breedte als 3 : 2. Op de Nederlandse vlag behoort geen enkele versiering of andere toevoeging te worden aangebracht. Ook het gebruik van een vlag louter voor versiering behoort te worden nagelaten. (Wel mag vlaggendoek voor versiering -bijv. in de vorm van draperieën- worden gebruikt).
Het hijsen van de vlag
Halfstok vlaggen
Het hijsen van meer vlaggen Als de provinciale en de gemeentelijke vlag naast de Nederlandse vlag komen, is de opstelling in het algemeen (met de rug naar de vlaggen): gemeentelijke vlag links, Nederlandse vlag midden, provinciale vlag rechts. Alleen als het een gemeentelijke aangelegenheid betreft, is de volgorde omgekeerd. Indien naast de Nederlandse vlag vlaggen van andere naties worden gehesen, is voor de onderlinge rangorde in het algemeen de eerste letter van de namen van de betrokken landen in de Franse taal bepalend. Omtrent de uitwerking van deze regel dient contact te worden opgenomen met de Directie Kabinet en Protocol van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. |
|
|
